interview

Een vertaalslag naar de intrinsieke behoeften van medewerkers
pijl


Om werk op de lange termijn aantrekkelijk te maken, moet je op inhaken op de natuurlijke menselijke nieuwsgierigheid

Dit voorjaar waarschuwde de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) voor een groot lerarentekort de komende jaren. In hetzelfde onderzoeksrapport meldde de organisatie dat het lerarenberoep weinig maatschappelijk aanzien heeft. Dat wringt. Ondanks maatregelen blijft het onderwijsimago van weinig doorgroeimogelijkheden hardnekkig, wat potentiële nieuwe leraren afschrikt. Hoogleraar Frank Cörvers, die de bijzondere leerstoel Onderwijsarbeidsmarkt van het CAOP bekleedt, geeft antwoord op de vraag: is er wel carrièreperspectief in onderwijsland?

Dat er carrièreperspectief mogelijk is in onderwijsland, daar is Cörvers van overtuigd. ‘Het is natuurlijk inherent aan het werk dat de functieprofielen tamelijk vlak zijn. In het traditionele onderwijsstelsel blijft het werk in de basis toch vrijwel hetzelfde. Er zijn gewoon niet veel mogelijkheden om functiedifferentiatie in te bouwen. Toch hebben we daar de afgelopen jaren een slag in gemaakt, bijvoorbeeld in het primair en voortgezet onderwijs. Het beroep is aantrekkelijker door meer aandacht voor bijscholing en informeel leren, professionelere beoordelingsprocessen en natuurlijk de bijbehorende financiële impuls. Het percentage leerkrachten dat in een hogere salarisschaal terechtkwam liegt er niet om. Het is dus mogelijk om perspectief in te bouwen. Ik wil alleen wel stilstaan bij de vraag: kiezen we manieren die écht duurzaam zijn?’
pijl

Vertrouwen is een belangrijke factor, net als tijd

‘Kiezen we voor carrièreperspectieven die écht duurzaam zijn?’

Doorgroeien; in welke richting?
‘Carrièreperspectieven moeten geen doel op zich zijn. Het gaat om een vertaalslag naar de intrinsieke behoefte van medewerkers om zich te ontplooien. Want ieder mens wil zich van nature ontwikkelen, zelfs mensen voor wie carrière niet op het hoogste plan staat. Om werk op de lange termijn aantrekkelijk te maken, moet je op inhaken op die natuurlijke menselijke nieuwsgierigheid. En zo bezien, moet de richting waarin leerkrachten zich kunnen ontwikkelen goed bij ze passen.’

‘Gelukkig kunnen we daar veel aandacht aan besteden. De één wil zich graag bezighouden met onderzoek en onderwijsvernieuwing, de ander wil zich toeleggen op een specialisme en de volgende wil zich bekwamen in complexere vaardigheden binnen het leraarschap zelf. Daar kan HRM-beleid op inspelen. Uiteraard kan gekoppeld worden aan een hogere schaal of functieniveau. Als iemand stappen zet in de richting die hij of zij kiest, mag daar zeker iets tegenover staan. Maar de intrinsieke behoefte vervullen is minstens net zo belangrijk.’

pijl

‘Het ontwikkelpad van
medewerkers moet
aansluiten bij hun
intrinsieke motivatie
en niet bij wat de baas
belangrijk vindt’

 

pijl

Nóg professioneler beoordelen
Er is veel zorg en aandacht nodig om de intrinsieke motivatie leidend te maken bij het doorgroeien in schaal. Cörvers realiseert zich dat. ‘Als iemand extra taken uitvoert of een opleiding voltooit, is dat gemakkelijk te beoordelen. Maar hoe beoordeel je of iemand beter les is gaan geven? Dat is iets om goed over na te denken. Medewerkers moeten erop kunnen vertrouwen dat ze kunnen leren en zich mogen ontwikkelen zonder er meteen op afgerekend te worden. Hun ontwikkelpad moet aansluiten bij hun intrinsieke motivatie en niet bij wat de baas belangrijk vindt.’

Vertrouwen is dus een belangrijke factor. ‘Net als voldoende tijd’, vult Cörvers aan. ‘Voordat ze kunnen doorgroeien, moeten jongere leraren bijvoorbeeld de kans krijgen om vertrouwd te raken met een bepaalde klas. Dat kost tijd. Als je die inruimt en goed ondersteunt met coaching, feedback en intervisie, ontstaat een solide basis. Dat is de fundering voor goed gerichte, gemotiveerde doorstroom. En, ook heel belangrijk: voor minder uitstroom.’

Anders rijk
Niet iedere onderwijsinstelling heeft voldoende ruimte om financiële impulsen uit te delen. Vooral scholen in de periferie hebben met krimp te maken. Waar is voor deze scholen winst te behalen? ‘Wat voor die scholen geldt, geldt eigenlijk voor het hele onderwijsland. Er zijn zo veel doorgroeimogelijkheden die niet in salaris zijn uit te drukken’, vindt Cörvers. ‘Leerlingen confronteren leraren continu met zichzelf. Voor de klas word je vaak op de proef gesteld. Wie kiest voor het vak van leraar moet zich dus niet alleen als professional ontwikkelen, maar ook als mens. Wie de bron en de motor van de ontwikkeling van leerlingen wil zijn, moet immers een stevige en rijke persoonlijkheid hebben. Als we duidelijk kunnen maken hoezeer je je persoonlijk kunt ontwikkelen in dit beroep, wordt het leraarschap echt veel aantrekkelijker.’

‘Als we duidelijk kunnen maken hoezeer je je persoonlijk kunt ontwikkelen in dit beroep, wordt het leraarschap echt veel aantrekkelijker.’

Frank Corvers

Frank Cörvers (1966) leidt het onderzoeksprogramma ‘Menselijk kapitaal in de regio’ aan het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) en is parttime hoogleraar ‘Demografische transities, Menselijk kapitaal en Arbeid’ aan Maastricht University. Samen met dr. Marc van der Meer werd Cörvers benoemd als de eerste bijzonder hoogleraar op de Leerstoel ‘Onderwijsarbeidsmarkt’ van het CAOP en het Research Institute for Flexicurity, Labour Market Dynamics and Social Cohesion (ReflecT) van Tilburg University. Vanuit de leerstoel van het CAOP en ReflecT wordt kwantitatief en kwalitatief onderzoek gedaan naar de arbeidsmarkt van de gehele onderwijssector.

Video
Delen

Uw naam

E-mail

Naam ontvanger

E-mail adres ontvanger

Uw bericht

Verstuur

Share

E-mail

Facebook

Twitter

Google+

LinkedIn